Waarom de media terecht de ombudsman aan de tand voelen (pace Maxim Februari)

Ik ben doorgaans een groot fan van Maxim Februari, die vragen stelt die nog niet gesteld zijn maar wel gesteld moeten worden, en die argumentatie of filosofie niet verwart met retoriek.  Bovendien schrijft hij af en toe columns die je gewoon zou moeten inlijsten: de schrijvende mens -die voelt, nadenkt, wikt, weegt, leeft en overleeft- op zijn best. Zijn column vorige week in NRC naar aanleiding van het overlijden van zijn partner is er een voorbeeld van: ga er even rustig voor zitten. En bewaar hem dan goed, want de kans is groot dat je hem later nog eens wilt lezen.
Maar deze week was ik het niet eens met de analyse in zijn column: zijn  reconstructie van de feiten in zijn analyse over de media-veroordeling van de Nationale Ombudsman, klopt niet.
Februari verwijt de media dat ze een politiek oordeel wilden vellen over de nationale ombudsman dat al op voorhand klaar lag, en niet luisterden, maar oordeelden.

“De Nationale Ombudsman is een eerbiedwaardig instituut. De belichaming ervan kwam uit een besloten vergadering en opeens stonden daar journalisten. Ze wisten dat de man niets kon zeggen, maar ze kwamen ook niet om te luisteren. Ze kwamen om olie op het vuur te gooien. De reporter van het Jeugdjournaal probeerde het maar eens met een mix van onnozelheid, beschuldiging en kitsch. ‘Kunt u aan de kinderen uitleggen waarom de Kinderombudsman weg moet?’ ’Dat is een verkeerde vraag’, zei de belichaming en hij had gelijk. Al was dat meteen ook het verkeerde antwoord.”
en

“De Ombudsman is, zei Nieuwsuur stellig tegen instituut en man tegelijk, ‘zelf tot klacht geworden’.   Hoe kwam Nieuwsuur daar bij? Het was pas een feit op het moment dat de journalist het verzon.”

Voor iemand die deze affaire heeft proberen te volgen, is dit een vreemde interpretatie van de feiten, en dus ook het oordeel dat er uit volgt.
Voor ik het over de feiten heb: waarom “de man niets kon zeggen” is mij onduidelijk. Misschien kon hij niets zeggen over de besloten vergadering, maar hij kon wel iets zeggen over het onheldere en oninformatieve persbericht dat hij naar buiten bracht om aan de bevolking uit te leggen waarom hij de populaire kinderombudsman aan de kant schoof. De journalisten hadden dus wat mij betreft alle redenen om door te vragen – omdat nog steeds, tot op de dag van vandaag, de Nationale Ombudsman het volk geen goede (overtuigende, belangrijke, zwaarwegende) reden heeft gegeven waarom Marc Dullaert niet langer aan kan blijven als kinderombudsman van Nederland.
Wat is er dan precies gebeurd? Het belangrijkste om te weten is dat dit een zaak is dit primair niet ging over de Nationale Ombudsman, maar om het voor het volk totaal onverwachte ‘ontslag’ van Marc Dullaert. (Ik zet ‘ontslag’ tussen aanhalingstekens omdat het juridisch gezien geen ontslag is, maar wel het niet verlengen van een ambtstermijn waarvan eerder was toegezegd dat het verlengd zou worden). Iedereen die actief is in de wereld van de kwetsbare kinderen weet hoe belangrijk de kinderombudsman voor hen is – zowel het instituut ombudsman, maar vooral ook de concrete belichaming daarvan in een sterke persoon. De kinderombudsman is een van de weinige instanties die kan opkomen voor de belangen van de kinderen, die met gezag en op onafhankelijke wijze onderzoekt wat hun situatie is. Niet alleen zijn er de schrijnende situaties van de kinderen in AZC’s en de vluchtelingenkinderen, maar ook de Nederlandse kinderen die zich in kwetsbare posities bevinden hebben de laatste jaren zware tijden doorgemaakt, waarbij het beleid hun rechten heeft uitgehold dan wel er veel te weinig aan gedaan heeft om hun positie te verbeteren, zoals de kinderen die passend onderwijs nodig hebben maar dat niet krijgen, de kinderen in de jeugdpsychiatrie die nu geen recht meer hebben op zorg, de kinderen die op andere wijze onder de jeugdzorg vallen waar de wachtlijsten overal langer worden, en de 15.000  thuiszitters waarvoor geen oplossing in zicht is. Marc Dullaert heeft zich als geen ander ingezet voor deze groepen, terwijl de meeste politieke partijen én het beleid het lieten afweten.
Dus, stel je deze situatie voor: deze zeer kwetsbare groep verliest een van haar allerbelangrijkste belangenbehartigers. Knal, boem, zonder opgaaf van reden.
Waar de Nationale ombudsman niet op had gerekend, is dat er in de periode voorafgaand aan de stemming van de Jeugdwet in 2014 een netwerk is ontstaan van geïnformeerde ouders, advocaten, belangenbehartigers, psychiaters, orthopedagogen en hulpverleners die elkaar hebben leren kennen in hun poging om de decentralisatie van de jeugdzorg tegen te houden (met veel inhoudelijk sterke argumenten, en waarvan het gelijk elke dag nog bewezen wordt). Dat virtuele netwerk heeft de voorbije jaren het fantastische werk van Marc Dullaert kunnen observeren, en had in no time 20.000 handtekeningen onder een petitie die pleit voor het aanblijven van Marc Dullaert, en stelde (o.a. via de columnisten in hun netwerk, waaronder Malou van Hintum), vragen in de pers.
Wie de tweets van deze groep volgt, merkt dat velen van hen eerst helemaal niet geïnteresseerd waren in de Nationale Ombudsman: hun enige doel was: #dullaertmoetblijven. Als Marc Dullaert als kinderombudsman vervangen zou worden door een ja-knikker, een politieke marionet, die niet onafhankelijk, daadkrachtig en moedig zou opereren, dan zou dit de belangenverdediging van de kwetsbare kinderen fiks schaden.
Pas later kwam het vizier op de ombudsman te liggen, toen helder werd dat zijn ego de waarschijnlijke reden was waarom Dullaert weg moet. En toen begon dit oordelen door de pers pas, maar dat was dus lang nadat ‘het jeugdnetwerk’ alle relevante vragen gesteld had, en mogelijke oplossingen doordacht.

Wie dat weet, merkt dat de conclusies die Maxim Februari trekt, niet kloppen. De media creëerde geen hetze, maar kanaliseerden de vragen en zorgen en boosheid die  door tienduizenden burgers in een paar dagen was verwoord door het ondertekenen van de petitie, en het protest op twitter en in columns zoals deze van Malou van Hintum of deze van Harriet Duurvoort (die beiden verschenen voor de media-uittingen waar Februari het over heeft).

Voor zover ik weet zit Maxim Februari niet op twitter, en dat is dus mogelijk helemaal aan hem voorbij gegaan. Vandaar de noodzaak van deze blog – om die relevante achtergrond in te vullen.
Dit is dus niet ‘trial by the media’ waarbij een tendentieuze berichtgeving in de media leidt tot een volksveroordeling, maar eerder ‘justified democratic anger’ onder de bevolking (en in het bijzonder de belangenbehartigers van de kwetsbare kinderen), die na een paar dagen door de media opgepikt werd. In het geval van de ombudsman is het dus niet zo dat de media de mensen ophitst, maar wel dat de media de terechte vragen en boosheid van de mensen oppikt.
Een discussie over het belang dat de media geen eigen ongecontroleerde macht wordt (Februari’s onderwerp in zijn column) is belangrijk; maar daarvoor is de affaire van de Ombudsman geen goede casus. Die gaat nog steeds primair om een verzwakking van de maatschappelijke positie van een reeds zwakke groep, én ook om een verzwakking van de democratie, door het duidelijk maken dat ombudspersonen die hun werk echt met overgave, deskundigheid én lef doen, moeten vrezen om hun toekomst. Daarom heb ik de petitie getekend die pleit dat Marc Dullaert moet blijven, en daarom hebben zowel volk als media het recht om zich ten volle met deze zaak te bemoeien.
Advertisements

One thought on “Waarom de media terecht de ombudsman aan de tand voelen (pace Maxim Februari)

  1. Door de jaren heen krijg ik post van mensen die mijn duidingen meestal waarderen, maar nu even niet, nu ik op hun eigen terrein kom. Dit kan twee dingen betekenen. (1) Ik heb altijd ongelijk. (2) Ik heb altijd gelijk en lezers lezen me slechter naarmate ze betrokkener raken.
    Ik ben er nog niet uit.

    Inzake de ombudsmensen wil ik nog wel iets toelichten. Mijn bewering was niet dat de media opwinding initiëren, maar dat ze (en ik citeerde het hoofdredactioneel commentaar van de krant) ‘olie op het vuur gooien’. In dit geval leidde die olie ertoe dat de poging Dullaert voor het land te behouden opeens omsloeg in de roep Van Zutphen te lozen. Dat was een uiterst ongelukkig effect. Na eerder gerommel moeten we juist extra voorzichtig zijn met het instituut van de Ombudsman en de nieuwe ambtsdrager niet bij het minste geringste in diskrediet brengen. ‘U bent zelf een klacht geworden’ is een uitspraak waarmee een journalist ver over de grenzen van zijn taak heen schiet. Er is geen klacht bij het instituut ingediend, de uitspraak is tendentieus.

    Intussen was de petitie voor Dullaert me niet ontgaan. Ook ik vond dat journalisten naar aanleiding van het vertrek van Dullaert ‘alle redenen hadden om door te vragen.’ Mijn bezwaar was nu precies dat ze dat niet deden. Van een open vraagstelling was geen sprake en we zijn weer eens niets wijzer geworden. Terwijl we in dit geval vermoedelijk wel wijzer hadden kunnen worden als interviewers zich niet tot losse flodders hadden beperkt.

    Volgens mij zijn we het met elkaar eens: ombudsmensen die hun werk goed doen moeten niet ‘vrezen om hun toekomst’. Juist daarom moet ook het Jeugdjournaal wegblijven van de rellerigheid.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s